Blijf maandelijks op de hoogte van de laatste ontwikkelingen rond laagdrempelige steunpunten en het werk van het ondersteuningsteam OLSP
 ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌ ‌

NIEUWSBRIEF JUNI 2026

NIEUWSBRIEF ONDERSTEUNINGSTEAM LAAGDREMPELIGE STEUNPUNTEN

OVER DEZE NIEUWSBRIEF

Deze nieuwsbrief informeert je over de laatste ontwikkelingen rond laagdrempelige steunpunten en de activiteiten van het ondersteuningsteam laagdrempelige steunpunten (OLSP)*– van bijeenkomsten tot inspirerende voorbeelden en van actuele thema’s tot inhoudelijke verdieping.


In deze editie besteden we onder andere aandacht aan:

– De publicatie van de handreiking laagdrempelige steunpunten

– Een terugblik op de themabijeenkomst over monitoring en verantwoording

– Het meten van effectiviteit van zelfregie en herstelorganisaties


*zie onderaan deze nieuwsbrief voor meer informatie over het ondersteuningsteam laagdrempelige steunpunten

ACTUEEL ALGEMEEN

HANDREIKING LAAGDREMPELIGE STEUNPUNTEN  

Sinds 1 juni staan de eerste handreikingen voor de basisfunctionaliteiten uit het AZWA online. Deze handreikingen volgen op de opdracht voor de regionale werkagenda, welke in april werden gepubliceerd.


De handreikingen zijn er ter ondersteuning van gemeenten, zorgverzekeraars en aanbieders van zorg en geven richting bij het organiseren van de basisfunctionaliteiten.


Ook de handreiking voor de laagdrempelige steunpunten is nu beschikbaar: Handreiking AZWA Laagdrempelige Steunpunten (LSP)


Op 8 juli organiseren we een spreekuur over de handreiking en de werkagenda, zie de agenda onderaan deze nieuwsbrief voor meer informatie.

ZELFREGIECENTRA EN HERSTELACADEMIES IN HET OVV-RAPPORT: KUNNEN DOEN WAT NODIG IS

In het rapport "Kunnen doen wat nodig is" benadrukt de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) dat vroegtijdige, domeinoverstijgende en op de cliënt afgestemde zorg en ondersteuning essentieel zijn om de veiligheid van mensen met een ernstige psychische aandoening (EPA) en hun omgeving te vergroten. Binnen deze context worden zelfregiecentra en herstelacademies genoemd als belangrijke voorbeelden van initiatieven die bijdragen aan eigen regie, herstel en preventie.


Herstelacademie Korak is een voorbeeld dat genoemd wordt waar verschillende trainingen, cursussen en workshops worden aangeboden om mensen te ondersteunen in hun persoonlijke ontwikkeling en wordt gerund door peers en ervaringsdeskundigen.

Lees het volledige rapport

ACTUEEL VANUIT HET ONDERSTEUNINGSPROGRAMMA

BIJEENKOMST MONITORING EN VERANTWOORDING VAN LSP 

Op 2 juni organiseerde het ondersteuningsteam de themabijeenkomst Monitoring en verantwoording voor regionale projectleiders laagdrempelige steunpunten. Vanuit de Vereniging Nederlandse Gemeenten sloot Janneke Lummen aan, die zich bezighoudt met datastandaardisatie van de basisfunctionaliteiten. Sonja Visser, directeur van de Nederlandse Vereniging voor Zelfregie en Herstel, bracht namens de branche voor het voetlicht wat monitoring voor de laagdrempelige steunpunten betekent.  


Aan de bijeenkomst namen 25 regionale projectleiders uit het hele land deel. De regionale projectleiders hebben soms een specifieke opdracht voor het netwerk van laagdrempelige steunpunten en soms een bredere opdracht op mentale gezondheid in de regio. Deels zijn ze afkomstig uit de laagdrempelige steunpunten, deels zijn het beleidsmedewerkers die een coördinerende taak op het onderwerp hebben of het zijn ingehuurde projectleiders uit andere organisaties. Ze zijn vaak een belangrijke schakel tussen beleid en praktijk. 


Janneke Lummen liet in haar presentatie zien dat datastandaardisatie belangrijke sturingsinformatie kan opleveren maar dat dat, zeker voor de sociale basis, nog niet zo eenvoudig in te richten is. Hobbels zijn dat je - zoals in het geval van laagdrempelige steunpunten- niet op persoonsniveau wilt registeren en dat je ook niet voor elke basisfunctionaliteit een eigen registratiesysteem wilt optuigen. Wat het ook lastig maakt om te standaardiseren is dat we over de domeinen heen niet altijd dezelfde taal spreken. Het is goed als hier een gedeeld beeld over ontstaat en daarvoor moeten we met elkaar in gesprek.  


Een kritische noot vanuit de deelnemers was dat we in het uitwerken van de AZWA-afspraken moeten opletten dat we niet in 'de zorgfuik' trappen en dat het de vraag is of we aan alle registratie-eisen gehoor zouden moeten geven- we zouden juist kunnen laten zien dat het ook anders kan. Janneke belichtte dat de VNG steeds kijkt naar: is het nog volgens de bedoeling, is het nodig en helpend en is het ook uitvoerbaar en toekomstbestendig.  

Sonja Visser stelde in haar presentatie dat over de basisfunctionaliteit laagdrempelige steunpunten al voldoende impactonderzoeken en maatschappelijke kostenbatenanalysen (MKBA) beschikbaar zijn, waaruit blijkt dat ze van grote waarde voor de bezoekers, vrijwilligers en medewerkers zijn en ook nog eens een rendement van 4 á 5 euro opleveren. Juist omdat de waarde van de laagdrempelige steunpunten al duidelijk was, zijn ze een basisfunctionaliteit geworden. 


Sonja bepleit dan ook dat we niet van elk laagdrempelig steunpunt eisen om MKBA en andere onderzoeken uit te voeren (van zo'n 10 á 15 duizend euro per onderzoek), maar dat we 'doen wat goed is', namelijk: de transformatie die we met de zorgakkoorden beogen doorvoeren, en te monitoren of het effect daarvan terug te zien is in de data die nu ook bijgehouden worden (bijvoorbeeld zorggebruik in de regio).   

Bekijk hier de infographic 

We kijken terug op een waardevolle bijeenkomst met veel discussie en interactie. Deelnemers hebben hun regionale uitdagingen en ervaringen kunnen delen en deze kunnen meegenomen worden in de landelijke beslissingen rondom de basisfunctionaliteiten. Eind 2026 worden afsprakensets van de 8 basisfunctionaliteiten opgeleverd. ZN, VNG en VWS staan daarvoor aan de lat, met de betreffende werkgroepen voor de inhoudelijke kant. 

INTERVIEW AKWA GGZ

Onlangs werd Erik Blank, betrokken bij het ondersteuningsteam laagdrempelige steunpunten, geïnterviewd door Akwa GGZ (de Alliantie kwaliteit in de geestelijke gezondheidszorg ) over de kracht van zelfregie- en herstelorganisaties. Dit interview vond plaats in het kader van de herziene zorgstandaard Herstelondersteuning.

Lees het hele interview

IN DE SCHIJNWERPERS

JAAP VAN WEEGHEL PENNING VOOR W IN DE WIJK

Tijdens de werkconferentie van Phrenos op 27 mei 2026 in Driebergen stond herstelondersteunend werken centraal. Meer dan 250 deelnemers uit de ggz daagden elkaar uit om theorie om te zetten in praktijk. Een hoogtepunt was de uitreiking van de Jaap van Weeghel Penning, waarvoor de Nederlandse Vereniging voor Zelfregie en Herstel (NVZH), de Yucel-methode en W in de Wijk uit 23 voorgedragen initiatieven genomineerd waren. De genomineerde initiatieven laten alle drie zien hoe zelfregie, peer-support en methodische zelfhulp bijdragen aan herstel en participatie.


W in de Wijk heeft de penning gewonnen! Voor hun baanbrekende werk in Amsterdam en Amstelveen, waar ze wijken creëren waarin iedereen welkom is. Mensen met psychische problemen kunnen daardoor optimaal meedoen, wat bijdraagt aan hun herstel. W in de Wijk is een succesvolle samenwerking tussen diverse welzijn- en ggz-organisaties, gemeenten en zelfregie-en herstelorganisatie TEAM ED. De jury prees hun innovatieve, gebiedsgerichte aanpak die inclusie en participatie stimuleert.


Lees het volledige verslag en bekijk de presentaties van de workshops:

Bekijk ze hier

In de volgende nieuwsbrief zullen we meer aandacht besteden aan W in de Wijk als Inspirerend Voorbeeld.

KENNIS EN INSPIRATIE

IN GESPREK OVER DE EFFECTIVITEIT VAN HERSTELACADEMIES

Marloes van Wezel is promovenda bij Tranzo en doet sinds oktober 2021 in samenwerking met het Trimbos-instituut onderzoek naar Nederlandse herstelacademies -in nauwe samenwerking met het Enik Recovery College in Utrecht. We interviewden haar over haar nieuwste publicatie.

OLSP: Marloes, je doet onderzoek naar de effectiviteit, betekenis, kernwaarden en positionering van herstelacademies in Nederland. Onlangs is het artikel verschenen over het vragenlijstonderzoek over de effectiviteit van herstelacademies. Wat vond je zelf het meest opvallende resultaat?


Marloes: Het meest opvallend vond ik dat alle gemeten uitkomsten – zoals empowerment, kwaliteit van leven en mentale gezondheid – gedurende twee jaar vrij stabiel bleven en niet verschilden tussen herstelacademiedeelnemers en de controlegroep.


Dat was verrassend, juist omdat kwalitatief onderzoek en ervaringsverhalen vaak laten zien hoe deelname aan een herstelacademie van betekenis kan zijn voor herstel.


OLSP: Jullie vonden geen significante verschillen tussen deelnemers van herstelacademies en de controlegroep. Hoe verklaren jullie dat?


Marloes: Daar zijn meerdere mogelijke verklaringen voor:

- Veel deelnemers uit de herstelacademiegroep kwamen al vóór de start van het onderzoek bij een herstelacademie, waardoor eventuele effecten al eerder kunnen zijn opgetreden.

- Beide groepen maakten gebruik van zorg en ondersteuning, wat verschillen tussen groepen kan dempen.

- Meetbare effecten van herstelondersteunende interventies zijn vaak klein en daardoor lastig statistisch aantoonbaar.

- Standaardvragenlijsten doen mogelijk onvoldoende recht aan herstelprocessen.


OLSP: Wat betekenen deze resultaten voor de manier waarop we effectiviteit van herstelacademies moeten meten? Moeten we anders meten of is er ander type onderzoek nodig om de waarde van herstelacademies in kaart te brengen?


Marloes: De resultaten nodigen uit om kritisch te kijken naar hoe we effectiviteit überhaupt definiëren en meten. Het lijkt erop dat standaardvragenlijsten maar een deel van het verhaal kunnen vangen, omdat herstel persoonlijk, grillig en contextgebonden is. Dat vraagt om andere manieren van kijken en onderzoeken, zoals benaderingen waarin ervaringen écht centraal staan, en samen betekenis kan worden gegeven aan die ervaringen. Dat betekent ook ruimte maken voor narratieve en participatieve vormen van evalueren, waarin ervaringsonderzoekers vanuit hun doorleefde ervaring een belangrijke rol spelen in zowel het vormgeven als de interpretatie van onderzoek. In ons bredere onderzoeksproject hebben we – naast dit vragenlijstonderzoek – gewerkt vanuit die basis. We werkten samen met de POP groep (Peer Onderzoekers Perspectief), een groep ervaringsonderzoekers die zelf bij Enik actief zijn/waren als deelnemer, vrijwilliger en/of peer worker.

Ook meer gepersonaliseerde manieren van meten, gericht op uitkomsten die iemand zelf belangrijk vindt, kunnen helpen om beter zichtbaar te maken wat deelname voor iemand betekent. Onze bevindingen suggereren vooral dat we de waarde van herstelacademies waarschijnlijk beter begrijpen met een bredere en meer contextgevoelige blik, dan wanneer we ons uitsluitend baseren op klassieke effectmetingen. Van “meten is weten”, naar “samen begrijpen en betekenis geven”.  


OLSP: Ondanks de afwezigheid van significante verschillen in dit onderzoek, blijf je overtuigd van de effectiviteit van herstelacademies. Wat zijn voor jou argumenten die deze overtuiging onderbouwen?


Marloes: Ik vind “effectiviteit” eigenlijk een lastige term in deze context, omdat het suggereert dat er sprake is van eenduidige, meetbare effecten. Terwijl zowel herstel als deelname aan een herstelacademie juist uniek en persoonlijk zijn. Daarom spreek ik liever over de waarde van herstelacademies, of over wat deelname voor mensen kan betekenen.


Dat die waarde lastig te meten is, betekent niet dat die er niet is. Wat ik in het onderzoek heb gezien, is dat deelname voor veel mensen van betekenis kan zijn in hun herstelproces. Bijvoorbeeld doordat ze ervaringen kunnen uitwisselen met ervaringsgenoten, hoop en inspiratie vinden, zich meer verbonden voelen, nieuwe dingen kunnen uitproberen en andere rollen en vaardigheden kunnen verkennen. Tegelijkertijd heb ik ook gezien dat een herstelacademie niet voor iedereen vanzelfsprekend een fijne plek is. Het kan juist ook een uitdagende omgeving zijn, waarin mensen moeten zoeken naar hun plek en soms ook worstelen.


Dus het gaat mij er niet zozeer om dat ik ‘overtuigd ben van de effectiviteit’, maar dat ik in het onderzoek heb gezien hoe deelname voor mensen van betekenis kan zijn. En juist omdat die ervaringen zo divers zijn – variërend van steun, groei en verbinding tot ook zoeken, twijfel en worsteling – laat die betekenis zich niet altijd vangen in eenduidige, meetbare uitkomsten.


Nieuwsgierig naar het artikel? 

Lees het hier

Zie ook de website van de NVZH voor onderzoeken naar impact van zelfregie en herstelorganisaties:

NVZH over impact

DE AGENDA

Donderdag 25 juni 12.00 - 13.30 uur: Bijeenkomst voor regionale projectleiders laagdrempelige steunpunten met het thema Ervaringsdeskundigheid.


Deze bijeenkomst is bedoeld voor regionale projectleiders, programmamanagers, coördinatoren en adviseurs die betrokken zijn bij laagdrempelige steunpunten (evt als onderdeel van een grotere opgave). Ben jij regionaal projectleider en heb je geen uitnodiging ontvangen? Laat het ons graag weten via info@loketlaagdrempeligesteunpunten.nl

Woensdag 8 juli 12.00 - 13.00 uur: Online spreekuur handreiking & werkagenda laagdrempelige steunpunten. In het spreekuur bieden we de mogelijkheid om vragen te stellen over de handreiking en de werkagenda die nu in de regio’s opgesteld wordt. Uitgenodigd zijn regionale projectleiders, programmamanagers, coördinatoren en initiatiefnemers die betrokken zijn bij laagdrempelige steunpunten.


Zie voor het aanmeldformulier: Agenda – Loket Laagdrempelige Steunpunten

Elke werkdag is het ondersteuningsteam bereikbaar voor vragen en signalen rondom laagdrempelige steunpunten. Antwoorden op vragen als “Ik ben van de gemeente/ggz/welzijnsorganisatie… en wil een steunpunt in mijn gemeente mogelijk maken. Hoe pak ik dat aan?” kun je ook op de Vraag & Antwoord-pagina van onze website vinden.


Mail: info@loketlaagdrempeligesteunpunten.nl
Telefoon: 088 002 3400

WIE ZIJN WIJ?

Het ondersteuningsprogramma wordt uitgevoerd in opdracht van het ministerie van VWS en de IZA-werkgroep Laagdrempelige Steunpunten. Het ondersteuningsteam bestaat uit adviseurs met ervaring op het gebied van herstel, ervaringsdeskundigheid, training, (actie)onderzoek en beleid. Het team is een samenwerking van MIND, Significant en Pluut & Partners. We ondersteunen regio’s bij het realiseren van een landelijk dekkend netwerk van laagdrempelige steunpunten. We hebben onder andere een loket ingericht waar je terecht kan voor vragen: Loket Laagdrempelige Steunpunten

MEER WETEN OF MEEDOEN?

Bezoek www.loketlaagdrempeligesteunpunten.nl voor meer informatie, praktijkvoorbeelden en om je aan te melden voor de nieuwsbrief. 


Neem contact met ons op voor vragen of om signalen over laagdrempelige steunpunten uit jouw regio met ons te delen via info@loketlaagdrempeligesteunpunten.nl of 088 002 3400.


Volg ons via de kanalen van MIND, Significant Public en Pluut & Partners voor updates en inspiratie.

SAMEN BOUWEN WE VERDER AAN EEN STEVIG NETWERK VAN LAAGDREMPELIGE STEUNPUNTEN!

Online versie

Email Marketing door ActiveCampaign